Persoonlijk

Au, au!

Je herkent ze vast wel, van die dagen dat je bij jezelf denkt “waren ze maar alvast voorbij”. Van die dagen dat je het liefst met je hoofd onder de dekens wilt kruipen en er weer onder vandaan wilt komen als je jezelf weer beter voelt. Ik heb er nu last van want ik heb last van mijn onderrug en linkerbeen. Het probleem is dat het zo’n zeer doet dat ik niet goed meer kan zitten. Dat betekent dus uitdaging met een heleboel dingen. Toiletbezoek is bijvoorbeeld echt een dingetje geworden, maar ook je voeten afdrogen na het douchen. Lopen en liggen gaat nog best maar zodra ik moet gaan zitten, word ik diep ongelukkig. Bovendien word ik toch wel erg moe van mezelf op dit soort momenten.

Het begon een paar dagen geleden. Een zeurderige pijn vanuit mijn linkerlies uitstralend als een zonnetje. Gistermiddag vond ik het welletjes en ben ik wat eerder van mijn werk naar huis gegaan. Ik grapte nog wat over buiten rondjes lopen als ik eenmaal thuis was met mijn leidinggevende en vond het eigenlijk wel een goed idee om dit inderdaad ook echt te gaan doen. Dus, zo gezegd, zo gedaan.

Thuis aangekomen stond mijn jongste een theekransje te houden met een vriendinnetje op de oprit, ze gingen zo in elkaar op dat ze me niet opmerkten. Na mijn toeterconcert gingen ze geschrokken opzij en kon ik mijn bolide parkeren. Zodra ik mezelf wat onhandig uit mijn “feestauto” had gehesen, en mijn jongste verbaasd achter mij aanhobbelde “waarom ben je zo vroeg thuis, Mam”, ben ik gaan wandelen.back-painMooi weer, dus prima te doen zou je zeggen. Alleen mijn gezicht stond blijkbaar niet op mooi weer maar op standje onweer. Onderweg werd ik namelijk aangesproken door een mevrouw die ik niet ken. Ze zei: ” Wat is het toch zwaar hé, wandelen met dit warme weer”. In plaats dat ik lief glimlach ofzoiets dergelijks, begon ik mezelf te verdedigen.
Ik voelde vanuit mijn tenen echt de behoefte om haar uit te leggen dat ik het helemaal niet warm had en dat ik daar liep omdat ik zo’n last had van mijn rug en linkerbeen.
Tot overmaat van ramp liep ik ook nog bijna tegen een geparkeerde fiets aan. Ietwat verbluft keek de mevrouw me aan en riep : “oh, sorry, dat wist ik niet” Meteen had ik spijt van mijn daad en bedacht ik “waarom deed ik dit eigenlijk? Waarom voelde ik mijzelf blijkbaar aangevallen en reageerde ik zo?” Ineens had ik er genoeg van en ik besloot ik om door te wandelen naar huis. Ik verlangde naar rust om me heen. Die vervelende pijn ook. Ik hoop maar dat het snel wegtrekt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *